Pagina's

zondag, juli 07, 2013

724-Java21-Madiun

In Madiun gaan we met zijn vijftienen op stap. Mijn vader loopt al vertellend in het rond. We krijgen nu beelden bij de verhalen die hij altijd vertelt. Ook komen er nieuwe verhalen naar boven. Mijn drie broers filmen alles, mijn schoonzus I. maakt foto's en ik probeer dat ook. Geregeld moeten we de grote weg over, die vroeger Residentielaan heette, maar het gaat steeds beter met het drukke verkeer. Pa kijkt naar drie bomen langs de kant van de weg en zegt dat deze bomen hem als klein jongetje gezien hebben. We stoppen bij het huis waar pa geboren is, waar zijn vader zijn praktijk had en waar zijn moeder later een hotel is begonnen. Het gebouw is van de militairen. In 1997 mochten ze er geen kijkje nemen, en nu ook niet. Ik heb wel wat aarde kunnen verzamelen. Er zijn in dat huis oorlogsmisdaden geweest, en eigenlijk vond pa het niet heel erg dat we er niet binnen mochten. Het huis is ook helemaal veranderd van buiten. Het was het huis met een grote woon, eet, slaapkamerruimte. We mochten aan de overkant bij het residentiehuis wel een kijkje nemen. Er stond een heel oude waringin in de tuin. Als die kon vertellen...
We zijn op het postkantoor geweest, Kantor Pos. We zijn langs de school gelopen die oma Nonnon nog had opgericht. We zijn langs de huizen gelopen waar tante Wanda gewoond heeft. Op het station hebben we een praatje gemaakt met de chef. De opa van mijn vader is ook chef van dit station geweest. En daarvan had ik ook een fotootje in mijn boekje. Zeer geĆÆnteresseerd keken de chef en zijn medewerker in dit boekje. Op de terugweg naar het hotel zijn we nog langs het sterfhuis van mijn opa, dokter Coors (1943 gestorven) geweest. Er bleek familie van Maryam, de verpleegster van zijn opa te wonen. Het grote huis was helemaal vervallen (zie foto) maar pa kon aanwijzen waar zijn vader gestorven en opgebaard lag. Hij was toen 14 jaar. In deze kamer huist nog de geest van een onthoofde blanke vrouw. En als het ergens spookt, dan gaan de Javanen er niet wonen. De mensen hadden afvalverwerking als beroep. De eerste twee ruimtes en de gang lag vol met hoopjes gescheiden afval. Het stonk er ook. Er zijn twee kleinzonen (tussen 40-50). De jongste doet het woord. Als ik in mijn fotoboekje de foto van Maryam laat zien met pa als baby, halen ze een bestofte foto van Maryam tevoorschijn. Het raakt ons allemaal, dit bezoek aan dit huis. 's Avonds komt de tweede zoon nog langs om met pa te spreken over hulp en een huis in Nrgowo, waar zijn moeder woont. Pa begrijpt niet precies waar het over gaat. Zouden ze bang zijn dat wij het huis weer opeisen?
Morgen gaan we de bergen in als we een taxi kunnen regelen.

2 opmerkingen:

  1. Deze reactie is verwijderd door de auteur.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Een lid van de familie Peltzer gaf op 14-2-2015 een link naar onderstaand krantenbericht. De broer van haar overgrootvader was de nieuwe Resident in 1878.
    Het Residentiepaleis staat aan de Jalan Pahlawan.

    De Locomotief: Samarangsch handels- en advertentie-blad van 7 maart 1878

    Uit Madioen- Den laatsten Januari arriveerde alhier onze nieuwe Resident, de heer A. G. G. Peltzer, te voren Assistent-Resident van Benkoelen. Van af de post Maspati werd hij naar de hoofdplaats begeleid door de regenten van Madioen, Ponorogo en Magetan en de andere inlandsche ambtenaren, allen in groot costuum. Toen de rivier voor de hoofdplaats was overgestoken, werd hjj verwelkomd door muziek en gamelanspel; het "Wien Neerlandsch bloed" en de Kebogiro klonken, de hadjis en priesters stonden als witte spoken in twee gelederen en bogen als ledepoppen, de Resident groette en bedankte en voort ging het weder naar het Residentiehuis, terwijl langs den ganschen weg duizenden inlanders stonden uit te zien en 't geluid van de gongs niet van de lucht was.
    Nauwelijks aangekomen, werden de Europeesche en inlandsche ambtenaren verzameld en voorgesteld, nadat de Resident uit handen van den Assistent-Resident van Magetan het bestuur had overgenomen. Daarop verhief hij zijn stem— soewara,jang amat mardoe sekali — en sprak tot de hoofden: "Saija kasieh bertahoe pada sckalian radhen mas Adhipati Adhipati, den ambtenaar-ambtenaar djawa samoewa, jang ini wektoe Kangdjeng Goebernement soedah menetepken pada saija boewat mendjadi 'kepala negrie di Madioen, maka saija harep pada radhen mas Adhipati sekaliannja, jang dari sebab samoewanja itoe nanti misti tinggal di saija poenja bawah tangan, bolehnja djalanken pakerdjaƤn djangan sampe berobah sebegimana jang soedah kedjalanan, dan lagi djangen sampe menginaken dari prentahnja kepala negrie." Nadat die aanspraak afgeloopen was, konden allen naar huis terugkeeren. De nieuwe Resident heeft een uitmuntenden indruk gemaakt. Van hem ging een roep uit van waarheidsliefde, waardigheid en onkreukbare eerlijkheid, die zijn komst tot een bron van vreugde maakten voor allen, welke het bestuur van de Residentie Madioen gedurende de laatste jaren onpartijdig en met kennis van zaken hadden aanschouwd; die niet schmeichelden noch knoeiden en zoo gaarne zagen, dat de demoralisatie van het volk werd tegengegaan door een Besident als Peltzer, integer vitae scelerisque purus. [Soer. BH b)

    BeantwoordenVerwijderen